Er was eens een vrouw. Een beetje eenzaam, niet in staat om echte relaties aan te gaan. Zij had een doorsnee leven, zo leek het, maar werkte ook in een nachtclub als danseres. Als ze met een vriendin en diens zoontje op Bondi Beach is, verdrinkt die laatste bijna. Hij wordt echter gered door een man; een terrorist misschien. Misschien ook niet. De man en de vrouw leren elkaar wat verder kennen die dag en zij gaat met hem naar zijn appartement.

Als er dan een bomaanslag gepleegd wordt is iedereen in paniek. Een journalist, één van de vaste bezoekers van de club waar zij werkt, en zijn baas zien in haar een uitstekend verhaal: ‘We need stories’. Na de aanslag ziet de vrouw een nieuwsbericht op televisie met daarin de korrelige beelden van een bewakingscamera waarop te zien is hoe zij met de man zijn appartement binnengaat. Het onderschrift van die beelden luidt: ‘Terrorismeverdachte ontsnapt aan politieblokkade’.

In de dagen daarna gaan zowel politie als media verder in op haar. Haar werk in de nachtclub wordt aangehaald, hoe zij aanpapte met politici en medialieden, de hoeveelheid cash geld goed verstopt in haar appartement (als appeltje voor de dorst), het incidentele drugsgebruik. Dit wordt voortdurend herhaald en uitvergroot waardoor er een samenhangend plaatje lijkt te ontstaan; het zijn allemaal draden in web van terrorisme gefinancierd door seks en drugs waarin de vrouw van een onopvallend persoon voor het grote publiek ineens een zwarte weduwe en homegrown terrorist lijkt te zijn geworden. Voor alle helderheid, dat is zij dus niet.

Dit verhaal schoot mij te binnen naar aanleiding van de recente discussies over privacy en veiligheid die zijn ontstaan na de onthullingen door Snowden. Het lijkt alsof we moeten kiezen tussen privacy enerzijds en veiligheid anderzijds. Dat is althans wat veel politici en veiligheidsdiensten ons willen doen geloven. Het verhaal van de vrouw hierboven echter maakt het noodzakelijk om toch wat vraagtekens daarbij te plaatsen bij deze tegenstelling.

  • Alledaagse handelingen worden geplaatst in een kader van onveiligheid. Dansen voor politici in een nachtclub is dan geen onschuldige handeling, maar één waarmee politici kwetsbaar worden gemaakt voor chantage, afpersing en waarmee een terroriste toegang krijgt tot de hoogste politieke kringen. Ik zou bijvoorbeeld kunnen bijhouden wie iedere dag uw huis binnengaat en weer verlaat. Meer niet. Volkomen onschuldig toch? Behalve als dat gebeurt in het kader van een terrorismeonderzoek. Als iedereen onder surveillance staat en al onze handelingen eveneens, dan is dus iedereen verdacht. En ook al onze handelingen worden bekeken door een bril met de vraag: ‘Is dit potentieel gevaarlijk?’. Maakt dat de wereld nu echt veiliger?
  • De vrouw is geen doorsnee huisvrouw of carrièrevrouw. Maar toch ook weer niet zo bijzonder. Niettemin dat juist zij er uit wordt gepikt is een illustratie van het gegeven dat vooral mensen met een levensstijl in de marge van de samenleving kwetsbaar zijn voor dit soort zaken. Of u iets te verbergen heeft wordt niet door u bepaald. Maar door anderen. En mensen die gezien worden als afwijkend zijn daar kwetsbaar voor want hun praktijken vallen eerder op. Het gaat ook om machtsverhoudingen dus. Zowel die van individuen ten opzichte van staatsinstituties als die van groepen in de samenleving ten opzichte van de dominante elites en middenklasse. Als burger bent u dus altijd onzeker of uw gedrag wel binnen het kader ‘normaal’ valt; tenzij volksvertegenwoordigers er in slagen specifieke groepen als per definitie abnormaal aan te wijzen of basis van hun levensstijl.
  • Inderdaad als u een blanke autochtone man bent in Nederland heeft u weinig te vrezen. Zo heb ik dus ook weinig te vrezen van mijn contacten met bepaalde moslims, met de verschillende jihad-teksten, en verschillende handleidingen (niet voor Ikea-kastjes) in mijn bezit. Ook al heb ik meer dan menigeen die vast heeft gezeten bij elkaar. Zelfs al zou ik een testament op maken dan nog denk ik niet dat ik veel te vrezen heb. Maar als een moslim dit alles doet, kan hij of zij maar beter oppassen zoals enkelen in het verleden hebben ondervonden. Hetzelfde geldt voor andere groepen zoals Roma en woonwagenbewoners.
  • Bovenstaande elementen bij elkaar zorgen in het verhaal van de vrouw ervoor dat allerlei alledaagste handelingen, data worden voor media en veiligheidsdiensten. Data die door een filter van dreiging, kwade bedoelingen en suggestie gaan. Dit betekent ook dat handelingen van u en mij niet gewoon data zijn, maar dat ze gebruikt worden om terrorisme en radicalisering te voorkomen bijvoorbeeld via allerlei daderprofielen om zo ‘normale’ en ‘abnormale’ personen te kunnen onderscheiden. Iets wat bewezen ineffectief is overigens omdat personen die als marginaal gezien worden al snel ook als ‘abnormaal’ gezien worden. En meer dan abnormaal is niet nodig; abnormaal betekent namelijk potentieel gevaarlijk in een wereld waarin culturele afwijkingen per definitie als ongewenst worden gezien.
  • In het verhaal gaat het niet alleen om het schenden van de privacy van de vrouw om zo een grotere veiligheid te bereiken. Haar verhaal laat juist zien dat de crux ook ergens anders ligt: niet het verzamelen van gegevens is belangrijk, maar het selecteren en aan elkaar knopen van die data. Zowel media als veiligheidsdiensten zijn in het verhaal van de vrouw bezig om door middel van selectie, analyse en combinatie van bepaalde gegevens in een bepaald kader een onzichtbare vijand te ontmaskeren.
  • Het verhaal van de vrouw laat dat niet direct zien, maar in hoeverre is een dergelijk optreden van opsporingsdiensten en media niet mede oorzaak van een dreiging die realiteit wordt? Hoeveel mensen zijn over gegaan tot radicale acties nadat hun leven door veiligheidsdiensten letterlijk verstoord werd en/of nadat zij niet meer dan pionnen waren in een spel van de veiligheidsdiensten om serieuze dreiging aan te pakken?
  • Privacy is één van de issues. Het gaat om meer, of misschien moeten we zeggen om privacy in brede zin. Het verhaal van de vrouw laat zien dat het ook gaat om de controle over de eigen identiteit, het zich vrij kunnen bewegen en simpelweg om met rust gelaten te worden.
  • Als het inderdaad gaat om uw privacy óf uw veiligheid, hoe verklaart u dan de situatie van de vrouw? Haar privacy is aan gort, haar veiligheid eveneens. Dus als men het heeft over óf privacy óf veiligheid, laten we dan op z’n minst vragen wiens privacy, wiens veiligheid en ten koste van wie?

Tot slot nog even terug komend op de vrouw waar ik mee begon. Uiteindelijk beseft The Doll, zoals haar bijnaam luidt, dat ze niet kan ontsnappen en denkt ze na over de rol die zij speelt voor haar eigen samenleving die inmiddels volledig in de ban is van de dreiging van terrorisme. Haar naam is Gina en ze is de hoofdpersoon in ‘The Unknown Terrorist’ van Richard Flanagan: ‘And then she wondered: what if people could not live without such fear? What if people needed fear to know who they were, to reassure themselves that they were living their lives in the right way? […] And part of her felt oddly, stupidly, proud, as if they had been specifically chosen for this clearly necessary role’ (Flanagan 2006: 268-269).

Zie ook:

Marieke de Goede – Data-analyse en precriminele veiligheid in de strijd tegen terrorisme in Krisis.