José Baars-Blom - De onschuld voorbij….
Aankondiging van: José Baars-Blom, De onschuld voorbij… Over reformatorische cultuur en wereldbestormende meisjes, Kampen: Kok, 2006
‘Ik ging in oktober 2004 voor het eerst naar de kerk bij een Gereformeerde Gemeente: in Genemuiden. Met een hoedje op en een rokje aan.’ (11) José Baars-Blom schreef als student antropologie een scriptie over reformatorische meisjes, die is uitgegeven in boekvorm onder de titel De onschuld voorbij… Participerend veldwerk bracht haar in orthodox-bevindelijke kerken, op bijeenkomsten van jeugdverenigingen en in de lessen godsdienst en maatschappijleer van de reformatorische scholengemeenschap Pieter Zandt in Kampen. Het resultaat is een betrokken, goed geïnformeerde en op momenten humoristische studie, waarin veel facetten van de reformatorische beweging aan de orde komen: geloofsovertuigingen, geloofspraxis, ethiek, toekomstverwachting, mediagebruik, lifestyle en relaties.
De hoofdvragen van deze studie zijn, in hoeverre er bij deze meisjes sprake is van een reproductie van de reformatorische cultuur, en in hoeverre deze een rol speelt in de studiekeuze van deze meisjes. Baars concludeert dat deze reproductie duidelijk zichtbaar is in het feit, dat veel reformatorische meisjes een ‘standaardbiografie’ kiezen, waarin een belangrijke nadruk ligt op het gezin en op de rol van de vrouw als moeder en huisvrouw. Deze standaardbiografie bepaalt in grote mate de studiekeuze van veel reformatorische meisjes: ten opzichte van andere Nederlandse meisjes kiezen zij vaker voor een vervolgopleiding ónder hun niveau, en zij kiezen vaker voor een beroep in de sectoren verzorging en onderwijs. Naast het feit dat binnen de reformatorische beweging deze sector een voor vrouwen geaccepteerde sector is om in te werken, wordt de keuze voor deze sector ook gemaakt met het oog op een toekomst als moeder, die stopt met werken om eventueel later opnieuw in te treden, of die in deeltijd gaat werken bij de komst van kinderen. Niettemin geeft Baars aan dat de ‘keuzebiografie’, waarin emancipatie en autonomie een belangrijker rol spelen dan het conformeren aan de verwachtingen binnen de reformatorische beweging, in toenemende mate een rol speelt in de studiekeuze van reformatorische meisjes.
Ik weet niet precies het doel van deze boekbespreking (waar moet het in komen)? Bij boekbesprekingen vind ik altijd interessant als deze afsluit met een soort ‘leesaanbeveling’ (voor wie is dit boek zinvol om te lezen en met welk doel). Heb je daar nog ruimte voor?
Heb je geen kritische noot (iets wat je minder goed vindt aan studie of beschrijving ervan? Vind ik van toegevoegde waarde voor een boekbespreking.
Als je voor bovenstaande ruimte moet creëren, zou dat m.i. kunnen door weg te laten:
- titel hoef je wellicht niet te herhalen in tekst?
zin ‘Als antropoloog … participerend veldwerk’ en dan bijv. zin beginnen met ‘Participerend veldwerk bracht haar in …’ (hoewel misschien niet zo mooi)
- evt. zin: ‘Naast het feit dat … kinderen.’ Je geeft hier de argumenten weer waarom ze kiezen voor opleiding in bepaalde sectoren (dat doe je niet voor waarom ze kiezen voor opleiding onder hun niveau); niettemin vind ik het wel leuke informatie die je mist als je deze zin weg laat.
Bij de passage ‘de hoofdvragen van deze studie zijn echter …’ lijk je een soort tegenstelling te gaan maken met het voorgaande door jou gezegde (die verwachting wek je bij mij). Volgens mij moet je het woord ‘echter’ weglaten.