de duivel is geen schilletje

August 9th, 2004

Volgens Matthijs gaan kerkgangers in een gemiddelde kerkdienst in de “spirituele sluimerstand” staan. Ik ken — helaas — de ervaring, maar bij de oplossing die Matthijs voorstelt en wat hij spiritueel noemt heb ik nog enkele twijfels. Kort gezegd heb ik 2 vragen: wat doet Matthijs met de ‘duivelse kern’ en waar blijft de ‘meester’ Jezus zelf?

Laat ik voordat ik bij mijn vragen kom, samenvatten wat ik denk dat Matthijs onder spiritualiteit verstaat.

  • spiritualiteit is 2 richtingenverkeer
    Dus geen kerkdienst waarin de dominee het publiek hapklare brokken geloof toewerpt, maar: het gesprek, de dialoog staat centraal.
  • spiritualiteit heeft met persoonlijke ervaringen te maken
    Het gaat in spiritualiteit niet om theoriëen en verhaaltjes over een boek dat 2000 jaar oud is (ik parafraseer) maar om (het gesprek over) hoe het dagelijkse leven op een spirituele wijze te leven.
  • spiritualiteit doet je goddelijke kern weer hervinden
    Ik heb een hekel aan het woord “goddelijke kern” — het doet me teveel denken aan dubieuze gnostische ketterijen met spirituele hierarchiën. Maar als ik Matthijs niet al te zweverig leest, bedoelt hij dat als een mens los zou komen van al hun schillen / maskers / omhullingen er een waar / authentiek / mooi mens tevoorschijn zou komen. De weg ernaar toe wordt bemiddeld door spiritualiteit — sterker nog, de weg zelf is spiritueel.

Deze spiritualiteit een kans geven in de kerk is volgens Matthijs een manier om de spirituele sluimerstand te doorbreken en de wereld een betere plaats te maken. Mensen zijn tot goddelijke dingen in staat als hun potentieel van liefde (door spiritualiteit) vrij komt, aldus Matthijs.

Goed, nu terug naar mijn bedenkingen. Allereerst ben ik sceptisch over wat je zou aantreffen als we een mens tot de kern zouden ‘afschillen’. Zou die kern goddelijk zijn? Ik denk het niet.

Ik heb kort geleden een documentaire gezien over een Joodse man wiens hele familie is vernietigd in Auschwitz. Hijzelf heeft de oorlog overleefd omdat zijn moeder op het juiste moment met hem (hij was 2 jaar) vlucht, en haar man, vrienden en familie achterlaat. De man keert in de documentaire terug naar de plek waar zijn moeder in 1942 over de grens van Frankrijk naar Zwitserland is gevlucht. Hij spreekt met mensen die degenen die zijn moeder hielpen kenden, en bedankt een verzetsstrijder voor wat hij heeft gedaan. De documentaire is hoopvol gestemd, maar toch blijft bij mij deze vraag hangen: hoe kan een mens een twee jarig jongetje willen vermoorden? Hoe kunnen mensen een vader, een opa, een moeder, een zus vernietigen? Hoe kunnen mensen 6 miljoen andere mensen vernietigen?

De vraag is deze: Is het kwaad een schilletje, dat om een verder authentieke / aardige / mooie mens zit? Is het kwaad een misverstand, een gevolg van gebrekkige communicatie tussen mensen? Ik denk helaas van niet. Als we diep in de mens graven zullen we ontdeken dat het kwaad tot diep in onze kern te vinden is. Of, om in de terminologie te blijven: mensen hebben een goddelijke en een duivelse kern.

O.k. dit klinkt misschien een beetje zwaar, over the top, en wat heeft dat met spiritualiteit te maken? Dit: ik denk dat spiritualiteit populair geworden is omdat dit begrip de kracht van mensen benadrukt. Echter, het gevaar van dit begrip is dat het te positief is en geen recht doet aan het menselijke bestaan. Een van de ‘mooie’ dingen aan het christelijk geloof vind ik dat er altijd aandacht is voor de donkere kant van het bestaan. Voor schuld, leed en zonde — voor de dingen die mensen zo krachteloos doen zijn. Ik denk dat een gezonde spiritualiteit rekening moet houden met het kwaad. En dan niet als een bijverschijnsel, maar als een onvermijdelijk element van de condition humaine.

Ik langzamerhand dichter bij mijn tweede vraag, nl. waar is Jezus? Eerst nog even terug naar mijn voorbeeld. Wat maakt nou het verschil tussen goede en slechte mensen? Je zou kunnen zeggen dat iemand die geoefend in spiritualiteit is kwaad van goed kan onderscheiden. Dat de mensen die het Joodse twee jarige jongetje hielpen spirituele mensen waren. Misschien, maar misschien ook niet. Spiritualiteit is namelijk geen voorwaarde voor het zijn van een goed mens. Ik geef een voorbeeld. Enkele jaren geleden bleek dat een aantal grote Japanse zenmeesters, die lichtende voorbeelden waren voor miljoenen mensen die zich langdurig hadden bekwaamd in zelfonderzoek en onthechting, in de tweede wereldoorlog niet zo verlicht waren geweest. Zij hadden schaamteloos hun leer in dienst gesteld van het oorlogszuchtige, moorddadige en racistische Japanse regime. Erger nog, na de oorlog hebben zij nooit spijt getoond, of zelfs bekend dat niet zuiver waren geweest.

Wat maakt dat mensen wél het goede van het kwade onderscheiden?

Ik denk dat de sleutel ligt bij iets wat Matthijs zegt:

Eigenlijk komt het hier op neer: in de huidige vorm leert de kerk je veel over de meester Jezus, maar er wordt nauwelijks aandacht besteed aan het zelf meester worden.

Ik denk dat Matthijs dit terecht zegt. Al te vaak wordt in de kerk van alles gezegd, maar niet hoe je een leven kan leiden dat werkelijk navolging van meester Jezus is (ik gebruik het woord navolging omdat het m.i. goed uitdrukt wat een leerling moet doen om in de voetstappen van zijn meester te treden). Een van de belangrijkste dingen die we van Jezus kunnen leren is zijn haarfijn gevoel voor wat goed is en wat kwaad. En: er naar te handelen.

Maar mijn vraag is dan: hoe denkt Matthijs dat deze navolging een plek krijgt in de spiritualiteit die hij voor stelt? Concreter: ik denk dat als je mensen in een groepje bij elkaar zet en laat praten, ook al is het over belangrijke ervaringen en wijze lessen, je niet verder komt. Als je diep in jezelf en anderen graaft kom je het koren, maar ook het onkruid tegen — en soms zijn die moeilijk te onderscheiden. Ik denk dat je ergens eenrichtings verkeer nodig hebt. Bijvoorbeeld een bijbel, waarin staat wat Jezus deed en wie hij was. Of, de heilige Geest, God zelf, die, op een of andere manier — vraag me niet precies hoe, ik ben niet zo gelovig, ik zeg het aarzelend — ons aanspreekt, ons laat zien wat van hem is en wat niet. Oftewel: je hebt ergens input nodig die niet te vinden is in onszelf, hoe ver wij ook zijn in meesterschap, maar die alleen afkomstig is van de Meester zelf.

Jezus wordt door H. Berkhof de “ware mens” genoemd (in het boek “christelijk geloof”, die heb je vast in je boekenkast staan, Matthijs), en om zelf ware mensen te worden, moeten wij op een of andere manier in verband staan met hem, de ware Meester.

2 Responses to “de duivel is geen schilletje”

  1. peter Says:

    waarom opeens zo’n lang verhaal?

  2. peter Says:

    Ben er even voor gaan zitten. Onverwacht om dit soort bespiegelingen van jou te lezen.

    Volgens mij is het allemaal poezie, hoewel het een beter is dan het ander. Maar het kan nog veel minimaler. Waarom niet erkennen dat jij het bent die begrippen als Geest en God – bij jou zelfs met hoofdletter – nodig hebt om inspiratie en vergeving voor te stellen? Dat we niet weten wat binnen of buiten, van onszelf of van een ander is, maar dat het ons troost om te zeggen dat we troost ontvangen. En dat dat genade is. Uiteindelijk weten we het en weten we het niet. Het is er en het is er niet. We zijn het zelf en we zijn het niet.
    Prijs dat eeuwige woord, hallelujah.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.