Jun 24 2007

Profile Image of

Vrij Nederland - Debat: Ramadan vs. Laroui

Vrij Nederland - Debat: Ramadan vs. Laroui
Debat: Ramadan vs. Laroui

16-06-2007
Door Pieter van den Blink

Twee denkers uit de islamitische wereld, Tariq Ramadan en Fouad Laroui, voerden op verzoek van VN een debat over het geloof. Beiden spelen een grote rol in de discussie over de islam in Europa. Laroui is kritisch en beducht voor radicalisering. Zijn laatste boek behelst een ‘persoonlijke weerlegging van het islamisme’. Ramadan daarentegen ziet de islam als inspiratiebron voor nieuwe Europese waarden.

‘Wie is hij? Als hij niet gelovig is, kan hij niet oordelen over de islam.’ Een halfuur voor aanvang van het debat tussen Tariq Ramadan en Fouad Laroui was de discussie onder het publiek al geanimeerd. De vraag werd opgeworpen door een jongen die kwam om Ramadan te horen, maar geen idee had wie diens opponent zou zijn. Anderen waren juist goed op de hoogte en wilden Laroui opheldering vragen over een tekst waarin hij Ramadan verantwoordelijk zou hebben gesteld voor de rellen in de Franse voorsteden, eind 2005.

Ramadan en Laroui zijn de meest spraakmakende denkers uit de islamitische wereld die op dit moment in Nederland verblijven. Laroui woont hier al jaren, hij is hoog­leraar aan de UvA. Ramadan is gasthoogleraar aan de Erasmus Universiteit. Het door Vrij Nederland belegde debat was de eerste keer dat zij elkaar ontmoetten. Hun handdruk, gepaard aan wat snelle grappen in het Arabisch, verhulde niet dat zij in het debat recht tegenover elkaar staan. Laroui beschouwt het geloof als een zuiver persoonlijke aangelegenheid. Hij wenst zich niet eens uit te spreken over zijn eigen religiositeit. Reden dat hij, zo vertelde hij, het verzoek om plaats te nemen in het comité voor ex-moslims van Ehsan Jami, had afgeslagen.

Ramadan vindt dat het geloof een onderdeel van de identiteit kan zijn, zeker voor de derde generatie immigranten uit islamitische landen in Europa. Het geloof is de basis van zijn waardestelsel, en dat moet uitgedragen. Moslims die vanuit hun geloof de politiek willen beïnvloeden, kunnen rekenen op Ramadans steun.

Leidende rol
Het thema van het debat in Rotterdam was de gespannen verhouding tussen geloof en vrijheid van meningsuiting. Denk aan de cartoonrellen. Na bijna twee uur intensieve discussie, soms onderbroken door applaus of een golfje geroezemoes, was er nog geen conclusie in zicht. Hoogstens leek tussen de twee professoren een zekere consensus te bestaan dat niet alles wat mag worden gezegd ook hoeft te worden gezegd. Maar die consensus is al veel breder dan dit debat.

De waarde van de discussie zat dan ook elders. Tariq Ramadan, wetenschapper met aanstellingen in Zwitserland, Groot-Brittannië (Oxford) en Nederland, heeft veel aanhang buiten de universiteiten, onder de moslimjeugd. Aanvankelijk deed hij vooral in Frankrijk van zich spreken, maar de laatste jaren is zijn rol van Europees, om niet te zeggen mondiaal belang. Hij benadrukte bijvoorbeeld dat hij in Kopenhagen de Deense moslims na de publicatie van de cartoons tot kalmte had gemaand. De controverse rond zijn persoon is er niet minder om, al komen zijn tegenstanders de laatste jaren niet meer met nieuwe argumenten of bewijzen voor hun stelling dat Ramadan ‘met gespleten tong’ spreekt, namelijk radicaal tegen een moslim- en gematigd tegen een westers gehoor. (Zie de verhalen in VN 6 januari en 21 april, ook te vinden op www.vn.nl.)

Toch hield hij zich altijd verre van iedere aanspraak op een leidende rol in de moslimgemeenschap. Dat is immers niet de taak van een wetenschapper, en de islamitische traditie kent ook geen hiërarchieën zoals de christelijke. Maar tijdens het debat in Rotterdam deed Ramadan enkele uitspraken die, opzettelijk of niet, de indruk wekten dat hier een moslimleider aan het woord was. Bijvoorbeeld dat hij eenieder die in naam van het geloof geweld pleegde ‘buiten’ zette, dat wil zeggen buiten de oumma, de moslimgemeenschap (zie www.vn.nl voor het integrale debat).

Over degenen die een geweldloze maar zeer strikte opvatting van de islam naleven (‘en die hier vanavond niet willen zijn’ aldus Ramadan) zei hij: ‘Met de conservatieven moeten we in gesprek blijven.’

Als de moslims in Europa inderdaad duidelijker politiek gaan bedrijven, waar Ramadan het over had, zou hij daarin een rol kunnen spelen. Als Ramadan zich werkelijk meer als een leider zou opstellen (wat hij tot nu toe weigert), zou dat niet alleen van moed getuigen, gezien de controverse die hem achtervolgt, het zou ook nuttig zijn in het vervolg van het debat over de islam in Europa. Want puur schematisch gezien staan er nu tegenover tsunami­-kraaiers als Wilders, Sarkozy, Ulfkotte en dezulken geen gezichten van de ‘Europese islam’. Van de moslims die nu bezig zijn om die Europese islam vorm te geven, heeft Ramadan de grootste achterban.

Vriend en vijand zijn het erover eens dat hij er in elk geval het charisma voor heeft. Het timbre van Ramadans stem lijkt zo op dat van de legendarische Marvin Gaye, dat toen hij begon te spreken over zijn visie van een ‘new we’ waarin moslims en niet-moslims elkaar zullen vinden, het bijna klonk als Let’s get it on.

No responses yet

Trackback URI | Comments RSS

Leave a Reply