Arre moede

Armoede toegenomen, daling verwacht in 2006 – SCP

Armoede toegenomen, daling verwacht in 2006, dat is zeg maar de conclusie van de armoedemonitor 2005.

De Volkskrant geeft behoorlijke gedetailleerde cijfers.

Armoede treft steeds meer gezinnen met kinderen, blijkt uit de monitor. Een op de acht Nederlandse kinderen groeit op in een gezin met een laag inkomen. Het gaat in totaal om 430 duizend kinderen onder de 18 jaar.

Niet-westerse allochtone Nederlanders hebben van oudsher vaker een laag inkomen dan andere Nederlanders. Hoewel de verschillen kleiner worden, is het aandeel lage inkomens bij Turken, Marokkanen en Antillianen nog steeds vier keer zo hoog. Veel zelfstandig werkende allochtonen, zoals kleine winkeliers, hebben een laag tot zeer laag inkomen.

De situatie is het minst rooskleurig onder allochtonen, met dien verstande dat dit wel verbeterd naarmate men langer hier blijft. Onder andere onder Turken en vooral onder Marokkanen is de verbetering zichtbaar. Onder ouderen is dit juist weer niet het geval.


Allochtone Nederlanders hebben altijd een gemiddeld lager inkomen gehad dan geboren Nederlanders. Dit verschil wordt kleiner, maar is nog altijd groot. Vijf jaar geleden had 33 procent procent van de niet-westerse allochtonen een inkomen onder of rond het sociaal minimum. Nu is dat 29 procent. Bij autochtone Nederlanders was het 8 procent. Dat percentage bleef gelijk.

Surinamers doen het relatief goed. Minder dan een kwart van die huishoudens heeft nu een laag inkomen. Onder Marokkanen is het 33 procent, maar dat is 5 procent beter dan vijf jaar geleden. Ook bij Turken en Antillianen nam het aandeel arme huishoudens met enkele procentpunten af.

De inkomenspositie van allochtone ouderen is slecht. Terwijl het de Nederlandse 65-plussers financieel steeds beter gaat, gebeurt bij de allochtone ouderen het omgekeerde. Veel van hen waren al voor hun pensioen arbeidsongeschikt waardoor ze geen aanvullend pensioen hebben opgebouwd. Ook krijgen velen een onvolledige AOW omdat ze geen veertig jaar in Nederland hebben gewoond.

Gemiddeld bedraagt het inkomen van niet-westerse allochtonen bijna 17 duizend euro per jaar. Voor autochtone Nederlanders is dat gemiddeld 22 duizend euro. Surinamers doen het, met gemiddeld 19 duizend euro per jaar, onder allochtonen het best.

Er wordt wisselend gedacht over de groeiende armoede, zeker als die zich langs etnische lijnen gaat manifesteren, zo blijkt uit de NRC:

De kloof tussen arm en rijk, en daarmee veelal allochtoon en autochtoon, wordt groter in Nederland.

De verschillende groepen trekken zich steeds meer terug in hun eigen scholen, opereren op een eigen deel van de arbeidsmarkt, wonen in hun eigen straten en bewegen zich binnen hun eigen sociale netwerken. Als de onderklasse blijft trouwen met een partner uit de ‘eigen groep’ worden achterstanden doorgegeven aan de volgende generatie. Zo duurt het nog lang voordat de integratie kan vorderen, zegt Latten

aar niet iedereen is zo somber als Latten. Helga de Valk bijvoorbeeld, onderzoekster bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI), denkt dat het opleidingsniveau onder allochtone jongeren sneller verbetert dan Latten denkt. En scholing is een belangrijke motor voor integratie, zegt zij.

,,Latten betrekt in zijn analyse de hele allochtone groep, van 25 tot 65”, zegt De Valk. ,,En op grond daarvan zegt hij dat hij amper vooruitgang in scholing ziet met de vorige generatie. Het lijkt mij dat als je de jongere generatie van 12 tot 24 vergelijkt met de oudere, je wel degelijk een grote vooruitgang ziet. Ik zie nu al een grote sprong in opleidingsniveau van de eerste naar de tweede generatie allochtonen. Ik kan geen enkele reden bedenken waarom die trend zich niet zal voortzetten in de derde generatie.”

Volgens haar is het bovendien nog maar de vraag of het trouwen binnen de eigen groep doorzet, en dat zo dus achterstanden worden doorgegeven. ,,We zien bijvoorbeeld nu al dat het aantal importhuwelijken afneemt.” Een ontwikkeling die ook Jaco Dagevos van het Sociaal en Cultureel Planbureau positief noemt, ,,omdat een daling van het aantal huwelijksmigranten positief uitwerkt op de integratie van groepen. Datzelfde hebben we gezien bij Surinamers.”

Tegelijkertijd ziet het NIDI ook steeds meer allochtone jongeren die trouwen uitstellen en langer doorleren, ook een verandering in attitude die integratie zal vergemakkelijken. Jonge allochtonen ambiëren ook veelal een lager kindertal dan hun ouders, zegt De Valk. Ook zijn de opvattingen van Marokkaanse jongens over de verdeling van taken binnen een huishouden ,,verbazingwekkend modern. Moderner dan die van veel autochtone jongens en Turkse jongens, die veelal het kostwinnersmodel als ideaal zien.” Uit onderzoek van het NIDI blijkt bovendien dat de meerderheid, ook van de Marokkaanse jongens, ongehuwd zou willen samenwonen. ,,Je moet je afvragen of ze dat dan ook straks gaan doen, maar hoe ze erover praten is in ieder geval al een trendbreuk te noemen.”

Maar je kan het ook omdraaien, zegt prof. dr. Justus Veenman, hoogleraar Economische Sociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Helpt trouwen buiten de eigen bevolkingsgroep écht bij integratie?

Maar ook op andere gebied vindt Veenman de conclusies van Latten dat de segregatie steeds verder voortschrijdt, te ver gaan. Inderdaad is het zo dat de inkomensongelijkheid in Nederland is toegenomen, zoals Latten signaleert, zegt Veenman. Maar dat komt niet vooral door trouwen binnen de eigen groep, maar doordat de witte elite meer is gaan verdienen, onder andere omdat er meer tweeverdieners zijn gekomen. Maar het komt ook doordat er bezuinigd is op de sociale zekerheid en door het steeds verder loslaten van wat ooit geleide loonpolitiek was in Nederland.

Bovendien, zo zegt Veenman, ,,de arbeidersklasse is enorm afgenomen, die omvat nog maar 8 procent van de bevolking en krimpt verder. En kijk ook eens naar de dynamiek binnen de onderklasse, zegt Veenman. Het is waar dat een kwart van de Nederlandse bevolking een keer op 95 procent van het sociaal minimum terechtkomt. ,,Dat is een grote groep”, zegt Veenman. ,,Maar negentig procent daarvan weet daar binnen twee jaar uit te komen. De meerderheid weet dus relatief snel aan achterstand te ontsnappen.”

De arme klasse krijgt meer en meer een woning ‘toegewezen’, helaas toch vaak in wijken bij elkaar”, zegt hij. ,,De woonsegregatie heeft de sociale segregatie bevorderd, zo blijkt uit ons onderzoek”, zegt Jaco Dagevos van het Sociaal en Cultureel Planbureau.

Dagevos ziet verder, net als Latten, vooruitgang van de onderklasse op de arbeidsmarkt slechts met ,,horten en stoten tot stand komen”. Er is echter ook een andere kant, zo stelt Dagevos. ,,Behalve achterstand zie je veel allochtonen in snel tempo integreren. De doorstroom naar het hoger onderwijs, en dan met name het hbo is spectaculair. Maar tegelijkertijd zie je in het onderwijs ook nog steeds een grote achterstand bij jongeren, blijkend onder andere uit een hoge drop-out. Op de arbeidsmarkt zie je hetzelfde. De allochtone middenklasse groeit, terwijl aan de andere kant de conjunctuur allochtonen zwaar treft. Kijk maar naar de snel gestegen werkloosheid en dan met name bij de jongeren. En dan hebben we het over de criminaliteit nog niet gehad”, zegt onderzoeker Dagevos.

Als ik het dan toch kort moet samenvatten mbt tot Marokkanen:
1) De groep die arm is wordt minder
2) Dit geldt niet voor ouderen
3) De jongeren zijn het eerste de dupe van de economische crisis (tegelijkertijd met vrouwen waarschijnlijk)
4) Er ontstaat een middenklasse.

Met andere woorden behoorlijke positieve ontwikkelingen en behoorlijke negatieve ontwikkelen. Een groep die zeg maar behoorlijk aan het gisten is.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*
*
Website