Gisteren was er bij Eenvandaag een uitzending over twee Arnhemse Syriëgangers, beiden afkomstig uit de rapscene: Marouane en Robin. Hun verhalen zijn sowieso interessant, maar daar gaat het nu even niet om. Waar het om gaat is de nummer drie in deze uitzending: Amine Elghasyry. In tegenstelling tot Marouane en Robin kwam hij herkenbaar in beeld. En in tegenstelling tot Marouane en Robin heeft hij helemaal niets maken met het onderwerp Syriëgangers behalve dan dat hij samen met de andere twee in een videoclip zit.

Daarnaast heeft de redactie volgens Amine Elghasyry niet met hem overlegd over het gebruik van de beelden en ook niet de credits daarvoor gegeven. Hieronder legt hij het zelf uit:

Schaamtelozen minachting
De zaak van Amine Elghasyry is niet de eerste. Joop wijst al op de zaak met Mohammed Rashid die met zijn foto op de voorpagina stond in het kader van een terreurdreiging. Maar er zijn ook nog andere voorbeelden. Een broer van een Syriëganger die met naam en toenaam in de krant wordt genoemd nadat hij naar de politie is gegaan. Een jonge man die met naam en toenaam wordt genoemd vanwege zijn verleden (al meer dan 10 jaar geleden) en waarbij ook verwezen wordt naar een familielid dat inderdaad naar Syrië is vertrokken. En er zijn er nog een paar. Waar deze voorbeelden en die van Amine Elghasyry op wijzen is een volstrekt schaamteloze minachting voor de veiligheid en welzijn van Nederlandse burgers, in het bijzonder minderheden, door de Nederlandse media.

Eenvandaag reageerde als volgt naar hem:

[…] U gaf aan dat u naar aanleiding van de EenVandaag TV uitzending gisteren bent benaderd door mensen die begrepen dat u 1 van de Syriëgangers bent. Ook gaf u aan dat u als rechthebbende geen toestemming heeft gegeven voor gebruik van materiaal.

Wat betreft het eerste punt: in het item over het nieuwe proces van het OM tegen Seriegangers wordt een van de aangeklaagde verdachten besproken, Marouane B. Zoals te zien is heeft Marouane B. kort voor zijn vertrek naar Syrië een videoclip gemaakt met een andere jihadganger, “Ramadan” van Team liefde. De clip wordt ook geduid.Het tonen van die clip was relevant voor het item, omdat dit goed liet zien waar Marouane B. op dat moment mee bezig was. Voordat het straatschoffie Marouane radicaliseerde was het een straatschoffie die hield van rappen, zo zegt een deskundige in het item. In die context hebben wij de clip gebruikt.

De twee jongens in de clip die later naar Syrië zijn vertrokken zijn onherkenbaar in beeld gebracht, omdat het in de pers gebruikelijk is om verdachten in een strafproces onherkenbaar in beeld te brengen (met balk of blur). Daarbij hebben we duidelijk gemaakt in tekst dat juist de onherkenbaar gemaakte jongens naar Syrië zijn gegaan. Nergens wordt gezegd of gesuggereerd dat de jongens in de clip allemaal Syriëgangers zijn.
De andere jongens, waaronder u, zijn met opzet NIET geblurred. Zou iedereen in de clip zijn geblurred, dan zou juist de suggestie kunnen ontstaan dat andere jongens, waaronder uzelf, in de clip wellicht ook als Syriëgangers worden gezien. Dat is een risico, omdat de clip gewoon vrij beschikbaar (en zonder blurr) op youtube staat. Sterker, u heeft de clip zelf ongeblurred op uw eigen website staan.

Dan het tweede punt: rechthebbende. Het gebruik van het materiaal valt onder citaatrecht. Dat betekent dat de omroep geen toestemming voor het gebruik van dit materiaal aan de rechthebbende hoeft te vragen, omdat het gebruikt wordt in de context van het item. Voor de volledigheid meld ik nog dat is overwogen om wel de bron te vermelden. Wij hebben daarin een zorgvuldige afweging gemaakt om uw uw website / productiemaatschappij niet te noemen. Het idee was dat bronvermelding er voor zou zorgen dat het filmpje zou worden getweet of verder verspreid op internet in ongeblurrde versie. Het leek ons daarom beter de bronvermelding weg te laten, ook omdat de twee jongens die nu onherkenbaar zijn gemaakt, als verdachten zijn aangemerkt en hun proces nog moet beginnen. Uiteraard kunnen wij de bronvermelding alsnog toevoegen als u als rechthebbende daar prijs op stelt.

Tot slot begreep ik dat u vooral moeite had met het fragment in de clip dat als laatste getoond wordt. Zonder verdere verplichtingen zal de redactie bekijken of dit fragment vervangen kan worden.

Het is een typisch fenomeen. Als mensen Syriëgangers zijn, krijgen ze (omdat ze verdacht zijn) een blur of een balkje. Sommige moslims die slachtoffers zijn van bijvoorbeeld huiselijk geweld worden ook geblurred, moslims die slachtoffer zijn van racistisch geweld slechts zelden overigens. Met andere woorden moslims zijn nieuwswaardig omdat ze aan een bepaald type voldoen (dader of slachtoffer) en in concrete individuele gevallen krijgen ze dan bescherming.

Bordkartonnen stereotypes
Maar moslims of Marokkaanse Nederlanders die op een andere manier verzeild raken in de discussies en berichtgeving zijn (zoals in het geval van Mohammed Rashid) niet meer dan een bordkartonnen stereotype of toevallige schaduwen (zoals in het geval van Amine Elghasyry). Er is, zo blijkt ook uit de reactie van Eenvandaag, een volstrekt onvermogen van journalisten om zich in te leven in de persoon die niets met Syriëgangers te maken heeft over wat het betekent om op deze manier in beeld te komen. En dat zagen we natuurlijk ook al bij de Volkskrant die het zich ook permitteerde om ongeacht de gevolgen ervan voor de persoon in kwestie een ‘mooie’ voorpagina te maken waarbij Rashid werd gereduceerd tot een tweedimensionale karikatuur: iemand met een ‘moslimachtig uiterlijk’ zoals de Volkskrant het zelf op racistische wijze verwoordde.

Dat overkomt natuurlijk niet alleen Marokkaanse Nederlanders of moslims. Journalisten kijken wel naar mensen, maar zien slechts scoops, nuttige figuranten en hoofdrolspelers en niet de persoon erachter. In het geval van vrouwen gaat dat vaak gepaard met allerlei seksistische stereotypen, in het geval van homo’s met allerlei homofobe stereotypen en ja in het geval van Marokkaanse Nederlanders en moslims met allerlei stereotypen zoals: de radicaal, de crimineel, en ja hoor daar is ie: de rapper. In de reactie van Eenvandaag lezen we bijvoorbeeld:

Voordat het straatschoffie Marouane radicaliseerde was het een straatschoffie die hield van rappen, zo zegt een deskundige in het item. In die context hebben wij de clip gebruikt.

Zo springt men van het ene naar het andere stereotype en is Amine slechts een toevallige passant. Dat die laatste ook niet gewaardeerd wordt vanwege zijn/haar creatieve inbreng laat de casus van Amine Elghasyry ook goed zien: wel gebruik maken van zijn beeltenis en van zijn filmpje, maar geen credits (laat staan ervoor betalen). In dit geval speelt dan ook nog mee dat het om het onderwerp radicalisering gaat. Dat maakt de positie van moslims en/of Marokkaanse Nederlanders anders dan die van andere Nederlanders die van een dergelijk kader weinig last hebben. Het is een kader met potentieel grote consequenties. Mensen die daarmee in verband worden gebracht lopen grote kans om bedreigd te worden, banen en contracten te verliezen, vrienden te verliezen, reputatieschade, enzovoorts. En het is niet dat journalisten en redacties dat niet weten. Het kan ze alleen niet heel veel schelen, want ze moeten door naar het volgende item, snel, snel, snel en ja vrije nieuwsgaring he.

Intussen laat Amine Elghasyry weten een advocaat in de hand te hebben genomen. Dat werkte in het geval van De Volkskrant en Mohammed Rashid ook goed. Want het maakt natuurlijk wel uit. Want zouden journalisten het gezicht van hun eigen partner gebruiken om mensen in beeld te brengen als radicaal of daarmee verbonden of om verdachten onherkenbaar te maken?