Impressie van het debat over buitenlandse invloed op Islam NL

Afgelopen vrijdag was ik bij de bijeenkomst van EMCEMO / HTIB in Amsterdam over de ‘Invloed van islamitische landen op islam in Nederland‘. De vraag daarbij was onder andere of deze invloeden effect hebben op de integratie en burgerschap van moslims in Nederland.

panel: Yassin Elforkani, Halim el Madkouri, Sadet Karabulut, Pieter Heerma en Keklik Yucel

panel: Yassin Elforkani, Halim el Madkouri, Sadet Karabulut, Pieter Heerma en Keklik Yucel


El Madkouri: Salafisme als ‘gif’
De avond werd geopend (na de introductie en het welkomstwoord door Mustafa Ayranci) door Halim el Madkouri die erop hamerde dat Saoedi-Arabië en ook de Universiteit van Medina een expliciet missionaire doelstelling hebben. Vanuit het Midden-Oosten zijn er centra opgezet in Europa die jongeren naar Medina sturen die daar opgeleid worden en vervolgens kunnen terugkeren naar Europa als prediker. Volgens El Madkouri is hun leer ‘gif’ en heeft de overheid dit te lang laten gebeuren.

Elforkani: Hervorming van interpretatie en infrastructuren
De tweede spreker van de avond was Yassin Elforkani. Hij nuanceerde het verhaal van El Madkouri en wees erop dat de financiering van Saoedi-Arabië en de Golf niet alleen gaat om het kopen van politiek-religieuze invloed. Het gaat ook om liefdadigheid waarbij, in mijn woorden, Europa een missiegebied is en het financieel bijdragen aan de bouw van moskeeën alleen al waardevol is voor mensen als vorm van liefdadigheid. Vaak wordt dan door inzamelaars en gevers gewezen op een uitspraak die wordt toegeschreven aan de profeet Mohammed: “Wie voor Allah een moskee bouwt, al is het gelijk aan of kleiner dan een nest van een vogel, Allah bouwt voor hem een huis in het Paradijs.”

Daarnaast, zo stelde Elforkani, gaat het niet alleen om het aanbod vanuit het Midden-Oosten, maar ook om de religieuze infrastructuur in Nederland. Deze is volgens hem vanaf de jaren ’80 gedomineerd door organisaties en individuen die de agenda van buitenlandse investeerders en gezaghebbers willen versterken en uitdragen. Door hun buitenlandse agenda ontstaat er een match met de behoefte aan investeringen en controle vanuit het buitenland.

Volgens Elforkani zijn de zaken wel aan het veranderen. Eén van de gevolgen van de buitenlandse inmenging en de belangen van verschillende groepen binnen moskeeën is volgens hem een interne strijd tussen mensen die onafhankelijk willen zijn van ideologische financiering vanuit buitenland tegenover aanhangers van één of meer specifieke stromingen en internationale netwerken. Vooral jongeren, zo stelde Elforkani, zouden de moskee onafhankelijk willen maken, zonder de buitenlandse financiering in gevaar te brengen. Dit betekent ook hervormingen hier. Jongeren moeten hun plek krijgen. De jongere generatie wil volgens hem wel graag de investeringen uit het buitenland, eigen moskeeën, maar geen buitenlandse inmenging, aldus Elforkani.

Zoals eerder pleitte Elforkani voor een “hervorming in theologische interpretatie van de islam.” Dat gaat dus niet om, zoals in het Reformatorisch Dagblad werd gesteld, een Reformatie (dat was een term die vooral door de voorzitter van de avond werd ingebracht), maar om een herbezinning en herinterpretatie van concepten uit de islam (zoals kalifaat) in de hedendaagse context (mijn parafrasering). Wanneer het gaat om het salafisme moet het volgens Elforkani niet gaan om een verbod (ook El Madkouri huldigde dat standpunt), maar om een hervorming van de religieuze infrastructuren.

Yucel (PvdA): wie betaalt, bepaalt?
In het panelgesprek zaten drie politici: Sadet Karabulut (SP), Keklik Yucel (PvdA) en Pieter Heerma (CDA). Volgens Yucel heeft buitenlandse financiering altijd een religieus-politieke agenda: dat is niet per se wie betaalt, wie bepaalt hoewel het daar uiteindelijk wel vaak op neerkomt. Bezoekers worden vaak ongemerkt meegezogen in die religieus-politieke agenda’s. Volgens Yucel moeten we af van ‘alle soorten van lange armen uit landen van herkomst en Midden-Oosten.’ In het verleden heeft de landelijke overheid organisaties gesubsidieerd die aan brainwashing doen. Yucel is blij dat dit nu (bij haar weten) niet meer gebeurt, maar volgens haar krijgen ze lokaal nog wel te vaak steun en of subsidies Met uitzondering van DENK (die volgens haar altijd in de slachtofferrol zit) en de PVV (die de hele islam weg wil hebben) is er volgens Yucel een brede consensus in de kamer om de salafistische ideologie aan te pakken die volgens haar haaks staat op ‘onze vrijheden’. Yucel vroeg zich ook af, naar aanleiding van het verhaal van Elforkani, of het aanbod uit het Midden-Oosten niet de vraag alhier heeft geschapen.

Heerma (CDA): Weerbare democratie
Pieter Heerma stelde dat er lang onverschilligheid was in de samenleving onder het mom van tolerantie en soevereiniteit in eigen kring. Daardoor is er niet goed gekeken naar wat er daadwerkelijk gebeurde en is niet duidelijk gemaakt waar de grenzen liggen voor religieuze organisaties. Hij benadrukte de waarden van de Franse revolutie: vrijheid en gelijkheid (en werd vanuit de zaal erop gewezen dat ook broederschap daarbij hoort) als centrale waarden die in alles de boventoon moeten voeren. Heerma stelde dat de VVD in het verleden haatzaaien uit het wetboek van strafrecht wilde halen. Heerma daarentegen wil dat anti-democratische organisaties verboden kunnen worden in het kader van de weerbare democratie (hij verwees daarbij naar de Duitse traditie op dit punt) en herhaalde ook het pleidooi om het verheerlijken van terroristisch geweld strafbaar te maken. Volgens hem moet de discussie scherp gevoerd worden om een onderscheid te kunnen maken tussen ‘goede en kwalijke financiering’. Hij beaamde dat hierover breed consensus bestaat: alleen de PVV maar die is islamofoob en DENK maar die vindt dat wij allemaal islamofoob zijn.

Elforkani stelde naar aanleiding van het verhaal van Heerma dat de politiek niet alleen moet verbieden, maar ook kansen moet bieden. Hij herhaalde zijn pleidooi voor Nederlandse imams met een Nederlandse imamopleiding.

Karabulut (SP): Religie is geen oplossing
Karabulut benadrukte sterk dat alle burgers gelijk zijn en dat haatzaaien verboden is. Volgens haar zijn migranten en hun kinderen 30 jaar lang anders behandeld dan anderen: we moeten ze normaal behandelen. Religie is geen oplossing voor maatschappelijke problemen en religie moet ook niet behandeld worden als dreiging: iedereen mag religieus zijn. Problematisch wordt het volgens haar wanneer politiek wordt gemaakt met behulp van religie zoals gebeurde ten tijde van het idee integratie met behoud van eigen identiteit. Die eigen identiteit ging niet alleen om religie, maar om meer dan dat: het is was een politiek element uit de landen van herkomst om invloed te houden en een politiek element van groepen hier in een strijd tussen verschillende stromingen. Wat is er dan nog over van het recht om je eigen geloof te organiseren stelde ze. Deze discussie moet volgens haar gevoerd worden binnen de kaders van de rechtstaat, maar dat gebeurt niet of wordt afgeremd. Er zijn volgens haar allerlei ongewenste invloeden: vanuit de Golf, vanuit Marokko (bijvoorbeeld een oproep om niet te gaan protesteren), vanuit Turkije (Diyanet). Mensen moet hun geloof kunnen beleven zonder kwalijke invloeden, zonder invloeden van buitenaf. Karabulut stelde ook de vraag waarom jongeren van hier zich ‘tot afschuwelijke politieke ideologieën’ wenden. Dan moeten we ook kijken naar de politiek zelf stelde ze. Westerse leiders moeten kijken naar hun eigen interventie politiek in het Midden-Oosten die ‘als een boemerang terugkomt’.

Vanuit de zaal weerklonk het geluid dat ‘we iedere dag worden lastiggevallen door Diyanet en anderen’. SP en CDA steunden de motie tegen steun van buitenlandse mogendheden aan Nederlandse instellingen (gericht tegen onder meer Diyanet); de PvdA niet vanwege het standpunt gelijke monniken, gelijke kappen. Als de politiek dingen wil veranderen, zo stelde iemand in de zaal, dan moet men niet langer de macht geven aan organisaties, maar verandering van onderop steunen bijvoorbeeld via moderne media.

Veiligheid als dominante invalshoek
Het is opvallend hoe sterk dit onderwerp, en verwant daaraan het ‘salafisme-fenomeen’ vanuit de bril van veiligheid wordt bekeken. Oog voor andere invalshoeken en andere vragen is er amper. Het onderwerp zal voorlopig nog wel op de agenda blijven zo schat ik zo. Er is wel degelijk behoefte onder islamitische netwerken aan fondsen uit het buitenland, maar over de politiek-religieuze inmenging zijn de meningen zeer verdeeld en gaan ook over meer dan alleen buitenlandse financiering en het idee wie betaalt, bepaalt.

Gisteren nam de Kamer een motie aan die moet tegengaan dat de Turkse organisaties nog langer invloed hebben op het integratiebeleid:


De plannen van de politici om de financiering en inmenging terug te dringen gaan dan ook deels voorbij aan diverse ontwikkelingen bijvoorbeeld met betrekking tot fondsenwerving, die al lang aan de gang zijn. De consensus in de politiek lijkt inderdaad breed te zijn om de financiering en buitenlandse inmenging aan te pakken. De vraag is hoe dat zich verhoudt tot het gegeven dat islam een mondiale religie is en dat Nederland geen afgesloten eiland is. Met andere woorden, invloeden van buitenaf zullen altijd een rol blijven spelen hoe Nederlands islam ook is.

Naschrift
Met name de woorden van Elforkani over hervorming leverden reacties op onder andere voorlieden van islamitische instellingen. Zie bijvoorbeeld de reactie van Suhayb Salam:

Elforkani heeft de volgende verduidelijking geschreven:

[20:13, 8-11-2016] Yassinforkani: ⁠⁠⁠بِسْم الله الرحمان الرحيم والصلاة والسلام على سيدنا محمد وعلى ءاله وصحبه وسلم تسليما كثيراً اما بعد: Beste broeders en zusters, Afgelopen vrijdag was ik aanwezig bij een debat over buitenlandse financiering waar ik een pleidooi heb gehouden hoe ik naar deze kwestie kijk. Mijn pleidooi ging hoofdzakelijk over 3 punten 1- buitenlandse financiering hoeft niet per definitie een probleem te zijn. Zoals vaak gesteld wordt in de media. 2- Ik heb mijn persoonlijke ervaring verteld over mijn betrokkenheid bij de blauwe moskee en hoe buitenlandse financiering werkt. Tijdens het behandelen van dit punt gaf ik aan erg trots te zijn op en blij te zijn met de blauwe moskee. 3- Ik heb gesproken over de maatschappelijke noodzaak om de religieuze infrastructuren te hervormen waarbij de jongere generatie de verantwoordelijkheid overneemt. Ik heb ook in mijn inbreng gesproken over hervormingen of eventueel in het Arabisch التجديد waarin ik doel op interpretaties van geleerden en meningen over vraagstukken binnen de Islaam. Ik herhaal het voor de mensen die er toch weer een eigen draai aan geven: Ik spreek niet over hervorming of vervorming van de islam, maar over hervorming door middel van interpretaties en meningen binnen het rijke theologische spectrum dat we hebben die meer recht doen aan onze huidige context. Verschillende geleerden in de loop van de geschiedenis hebben deze discussie gevoerd zoals Imam Shafi’i die een aantal van zijn meningen heeft herzien omdat hij verhuisd was van Irak naar Egypte en hij zag dat mensen in Egypte andere gewoontes hadden wat heeft geleid bij de Imam tot andere inzichten. Daarom wordt er ook gesproken over de oude wetschool van imam Shafi’i en zijn nieuwe. Imam al-Shatibi die in staat is geweest om vernieuwend naar de theologie te kijken en met het concept Maqasid AlShari3a is gekomen of in het Arabisch مقاصد الشريعة. Imam ibnoe 3achour die het concept vrijheid heeft toegevoegd aan het principe van Almaqasid. Dit maakt onze religie juist zo mooi en prachtig. De islam is juist door deze flexibiliteit universeel en voor alle tijden. Allah ta’ala heeft in de quran gezegd (ما فرطنا في الكتاب من شيء). En de profeet vrede zij met hem heeft gezegd in overlevering door abou daoud (ان الله يبعث لهذه الأمة على راس كل مئة سنة من يجدد لها دينها) . Tot slot beste broeders en zuster het artikel van het reformatorische dagblad dat een reflectie over het debat heeft geschetst slaat wat mij betreft de plank mis en ik neem ook direct afstand van de inhoud. Het blad heeft mij ook niet geïnterviewd maar heeft een eigen interpretatie aan het debat gegeven. Sterker nog, het woord reformatie heb ik geen enkele keer in de mond genomen!! Ik wil mijn broeders en zuster oproepen om inhoudelijk en beschaafd met elkaar in debat te gaan over verschillen die we hebben en zeker niet in de verleiding vallen om elkaar te beschuldigen over allerlei zaken die zij überhaupt nooit kunnen weten. Allah zegt in de quran( يا ايها الذين آمنوا ان جاءكم فاسق بنبأ فتبينوا ان تصيبوا قوما بجهالة فتصبحوا على ما فعلتم نادمين) . Een advies voor broeders en zusters die helaas in de naam van de Islaam mensen uitschelden en hun met bijnamen bestempelen wil ik jullie herinneren aan dit vers uit de quran waarin Allah zegt: ( ياايها الذين آمنوا لا يسخر قوم من قوم عسى ان يكونوا خيرا منهم ولا نساء من نساء عسى ان يكن خيرا منهن ولا تلمزوا انفسكم ولا تنابزوا بالالقاب بئس الاسم الفسوق بعد الإيمان ومن لم يتب فأولئك هم الظالمون) ‎وصلى الله وسلم وبارك على سيدنا محمد وعلى الآل والصحب اجمعين ‎اخوكم ياسين الفرقاني
⁠⁠⁠⁠20:

One thought on “Impressie van het debat over buitenlandse invloed op Islam NL

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*
*
Website