Het Rotterdamse debat dat niet over islam ging, maar wel islamdebat heette, kan eigenlijk vrij kort samengevat worden: meedoen, samenwerken en dingen aanpakken. En dat alles in de gebiedende wijs. Oh ja, en het ging over moslims. En zo hadden we dus 8 mannen en 2 vrouwen die het hadden over moslims en toch ook weer niet, maar stiekem wel. Het was Internationale Vrouwendag, maar er was geen moslimvrouw uitgenodigd om iets te zeggen over de problematieken van vrouwen of enig ander statement te maken.

Moslims als luistercijferkanon
Het debat werd live uitgezonden op Radio Rijnmond dus het kwam aan op tijd. Om 19.05 zouden we beginnen en de zaal kreeg de instructie om dan hard te klappen zodat de zaal goed vol leek. Het moet ook wat lijken of niet dan? In hoeverre worden dit soort debatten over islam, in hoeverre wordt islam een mooi kapstokje, een gimmick, voor hoge kijk- en luistercijfers? Dat werkte maar beperkt denk ik, want zo druk was het aanvankelijk niet, hoewel gaandeweg de zaal toch aardig gevuld raakte. De opzet van het debat was simpel en best aardig: een column, vijf lijsttrekkers met elkaar in debat op basis van punten uit ieders verkiezingsprogramma, nog een column en de vijf andere lijsttrekkers met elkaar in debat. En dan nog wat vragen uit de zaal. De eerste punten lukten aardig, maar de zaal kwam er mijns inziens wat bekaaid vanaf met een stuk of drie vragen.

Om 19.05 uur (na het applaus) werd het debat geopend door Ewoud Kieviet en de initiator van het debat Brahim Bourzik. Beiden leiden het debat. We moeten met elkaar in gesprek daar kwam de opening op neer: ‘dit is wel de stad van Pim Fortuyn’ stelde men daarvoor al. Er werd vermeld dat de PVV zich heeft teruggetrokken in het debat. De lijsttrekker van de PVV lijkt een beetje een spooklijsttrekker te zijn: Eerdmans van Leefbaar Rotterdam had hem nog niet eens de hand kunnen schudden.

Links verbond wilde niet, maar is er wel
Ook blijkt dat de partijen die het linkse verbond hebben gesloten (PvdA, GroenLinks, Nida en SP) niet van plan waren om te komen. PvdA lijsttrekker Barbara Kathmann stelde dat Rotterdammers het er niet over willen hebben en dat een identiteitsdebat alleen dient om bestuurlijke fouten te maskeren. Ebru Umar die zal optreden als columnist pleit er volgens Kathmann voor om grondrechten aan te tasten en zegt in een column ‘ik haat jullie soort’.

Ze wijst er nog op dat 21 maart ook de dag tegen racisme en discriminatie is. Uiteindelijk is het linkse verbond er toch maar ze vinden het bizar dat we het hebben over één godsdienst en stellen dat het moet gaan om inclusiviteit en diversiteit en de Rotterdamse raad gaat niet over godsdienst, aldus de SP. Volgens Eerdmans van Leefbaar tekent dit de ‘kramp’ waar we in zouden zitten: ‘Er zijn problemen binnen islam, wereldvrede, de islam is heel bepalend in de stad en niet iedereen vindt dat even leuk’.

Het debat wordt vervolgens afgetrapt met een column voorgedragen door Mohamed Benzakour: ‘De islam bestaat niet, de moslim bestaat ook niet. Er zijn voortdurend afsplitsingen en verschillen van mening.’ Dat zou een mooi einde van het #islamdebat geweest kunnen zijn, maar het begon net.

De buitengewone islam
Als eerste traden Joost Eerdmans (LR), Barbara Kathmann (PvdA), Sven de Langen (CDA), Tjalling Vonk (CU) en Stephan van Baarle (DENK) aan. Het ging gelijk over een stelling over een religie: binnen vier jaar spreken alle voorgangers Nederlands nadat ze taalles hebben gehad die door de gemeente gefinancierd wordt. Van die stelling bleef weinig over. Het stond wellicht wat ‘hoekig’ in het partijprogramma volgens De Langen. Daarin gaat het ook over preken, maar daar heeft de overheid weinig over te zeggen. Van Baarle vond dat de overheid niet moest gaan bepalen wat burgers in private ruimten doen. Volgens Eerdmans was het wel belangrijk om te weten wat er in de moskee gezegd wordt en moet de overheid weten welke haatdragende predikers er komen. Dat vonden de anderen echter discriminerend, maar volgens Eerdmans zijn er geen problemen met kerken. Het ongelijk behandelen van een hele groep ten opzichte van andere soortgelijke groepen op basis van het gedrag van enkelen, is inderdaad discriminerend. Als het gaat om haatzaaien kan men dan ook beter het kantoor van Leefbaar afluisteren volgens PvdA.

Andere stellingen die besproken werden waren zorgen voor verbinding tussen culturen, steun aan islamitisch onderwijs en de vestigingswet Rotterdam. Dat laatste is een voorstel van Leefbaar en ook dit is weer een discriminerend voorstel. Volgens Eerdmans moet er na de zesde belwinkel in een wijk een keer een Nederlandse groenteboer komen. De tegenstelling moslims vs. Nederlanders werd diverse keren al dan niet bewust gemaakt in het debat, maar het meest expliciet door Leefbaar. Volgens Denk werd het tijd dat mensen eens gingen beseffen dat een halal slager net zo Nederlands was als rookworst bij de Hema. Het gaat Leefbaar met name om de witte Nederlanders die hun buurt niet meer herkenden.

In dit panel waren de nodige verschillen, met name tussen de stemmen van Leefbaar en de rest, maar over een ding leek toch consensus: mensen moeten meedoen in de samenleving: predikers, voorgangers, moslims. Het is blijkbaar geen optie voor de politiek als mensen niet willen meedoen?

Maar dat mag je niet zeggen
Vervolgens was het woord aan Ebru Umar die stelde dat ze hier eigenlijk niet mocht spreken. Volgens haar beheerst islam elk debat en wat heeft dit land moslims toch misdaan en hoe kan dit land de oorspronkelijke bevolking in de steek laten. Mensen moesten ophouden met zeuren over discriminatie want er is er toch een moslim als burgemeester en een gekozen voorzitter van de Tweede Kamer. Dat die laatste een vrouw is, betekent voor haar (gelukkig) niet dat er niet meer gesproken moet worden over vrouwenonderdrukking: het is 8 maart internationale vrouwendag. En ze mocht er niet staan. Maar stond er dus wel.

De reacties op haar waren erg gemengd: sommigen vonden het een indrukwekkende toespraak anderen vonden het duidelijk niets. Eerlijk gezegd, vond ik het vooral sneu. Ze nam zichzelf als de maat der dingen en nam anderen de maat: anderen moesten niet zeuren over discriminatie, maar zij kon wel spreken over dat ze niet mocht spreken. Het was wat meelijwekkend mijns inziens. Doe normaal, was het slot van haar column.

Vervolgens traden aan Said Kasmi (D66), Leo de Kleijn (SP), Nourdin El Ouali (NIDA), Vincent Karremans (VVD) en Judith Bokhove (GroenLinks). Het ging meteen over discriminatie. Kasmi pleit voor anoniem solliciteren, maar anderen partijen hebben daar twijfels bij: je legitimeert eigenlijk dat iemand met een andere achternaam gediscrimineerd wordt (De Kleijn), positief stimuleren wordt onmogelijk (Karremans). Karremans van de VVD is voor een harde repressieve aanpak, mystery sollicitaties, flinke boetes: ‘discriminatie is tegen de wet’. Volgens El Ouali, die reageerde op het punt van positieve discriminatie, hebben mensen geen voorsprong nodig op de arbeidsmarkt, maar gaat het erop dat ze een gelijke kans nodig hebben. Volgens De Kleijn was het ook voor het functioneren van het onderwijs en de zorg nodig om mensen te krijgen en dat er dus niet gediscrimineerd wordt. Hoe dan bleef onduidelijk bij de meesten.

El Ouali van Nida heeft een plan om de stad meer feesten samen te laten vieren: keti koti, holi, offerfeest en herdenking van het bombardement. Natuurlijk was er ook discussie over etnisch profileren en daar werd flink uitgehaald naar de PvdA die afgelopen week bij Pauw wist te melden dat de politie niet etnisch profileert: het is geen beleid, het mag niet. Dat is, op z’n zachtst gezegd, niet zo’n sterk argument tegen de stelling dat het wel gebeurt.

Vanuit het publiek mochten enkele vragen gesteld worden. Eerdmans werd verweten de kloof juist te vergroten onder andere met zijn vestigingswet. Maar hij wees er nogmaals op dat er geen monocultuur mocht ontstaan en een bevolking die zegt dat ze niet meer het gevoel het hebben in Nederland te wonen. Vanuit het publiek werd ook nog gepleit om 7 juni (de stichting van Rotterdam) als lokale feestdag op te nemen.

Wat moet je nu met zo’n debat?
Het was een debat over moslims: Er zijn genoeg redenen om een politieke discussie te beginnen over religie in het publieke domein. Wat kan wel, wat kan niet, waar de liggen de grenzen en wie bepaalt dat? Maar dat was dit niet. Het was ten eerste een debat over moslims en niet met. Dat er wel een man gevraagd was om te spreken doet daar niet heel veel van af. Natuurlijk, Nida was aanwezig. Een belangrijke stem door moslims en voor moslims. Dat geldt, op een andere manier, ook voor DENK. Maar het blijft een top down benadering: de politiek mag plannen presenteren over moslims. Het is natuurlijk ook nogal out of the box denken als we moslim burgers zelf vragen over hun positie en leven in dit land alsof hun levens er echt toe doen.

Wat moeten we met moslims was de achterliggende vraag in dit debat. Leefbaar Rotterdam wil vooral geen monocultuur die niet wit is: een islamitische slagerij lijkt voor Leefbaar echt geen probleem te zijn, maar geen Nederlandse groenteboer en zes halal slagerijen wel. De andere partijen gaven andere antwoorden op de vraag ‘wat moeten we met moslims’ dan Leefbaar, maar nog steeds behandelden zij dit als een legitieme politieke vraag (zij het voor het links verbond met tegenzin). Denk en Nida focussen vooral op inclusiviteit en diversiteit.

Er gaat met al die debatten ook een zekere druk uit ten gunste van conformisme (zie het deelnemen van het links verbond) van samenwerking, consensus en meedoen. Er is maar weinig erkenning voor het gegeven dat Rotterdam een pluralistische samenleving is waar mensen wonen met verschillende ideeën over wat een goed leven is en of je dat samen met anderen moet vormgeven en met wie dan. Misschien zijn er mensen die helemaal niet willen meedoen met wat dan ook? Alleen Nida had enigszins een expliciet idee dat we te maken hebben met een pluralistische samenleving, maar dan wel een die we met z’n allen moeten vieren: keti koti, herdenking van het bombardement, offerfeest en holi. Denk wees het integratieconcept af, maar kon daar verder weinig tegenover zetten.

Natuurlijk, zaken als raciale profilering en discriminatie op de arbeidsmarkt werden ook besproken. Maar die dienden uiteindelijk vooral de profilering van partijen. Het is niet dat Rotterdam, of welke andere gemeente dan ook, ook maar enige serieuze inspanning en serieus resultaat heeft geboekt op dit terrein. Daarenboven betekent dit dat moslims of een probleem zijn als moslims (Leefbaar/PVV/), of dat bepaalde maatschappelijke problemen worden gereduceerd tot een probleem met moslims (CDA/VVD) of dat moslims problemen hebben (de rest), al dan niet door mensen die vinden dat moslims een probleem zijn of omdat moslims onvoldoende geïntegreerd zijn. In ieder geval de termen moslim en probleem horen bij elkaar en dat is precies wat een islamdebat dus doet.

Het zijn Nida en meer nog Denk die het verwijt van identiteitspolitiek krijgen, maar dit debat is natuurlijk niks nieuws. Het #islamdebat is decennialange witte identiteitspolitiek gefaciliteerd door de media en het zijn Nida en Denk die zich daarin voegen en zeggen: ‘ho effe’. Maar omdat te kunnen zeggen moeten zij wel meedoen aan dit soort debatten en zo houden ze het ook in stand. Tegelijkertijd blijkt uit de reacties op hen ook hoe ontregelend en krachtig zelfs een kleine stem die moslims aanspreekt kan zijn.