Bert Brussen Zuilens dagboek

Pim, sorry, Geert is er klaar voor – DePers.nl

‘Als het hier maar niet zo wordt als in De Hambaken in het noorden van de stad. Daar moeten wij een paspoort meenemen, zoveel buitenlanders wonen er’, zegt ze. ‘Ik zou mijn huis nooit meer uitkomen.’ Gerrit bekruipt soms het gevoel dat het altijd carnaval is. ‘Je ziet overal zorro’s’, zegt hij over de bedekkende kleding van islamitische vrouwen. Anja: ‘Ik vind het eng. Wie loopt daar onder? Voor hetzelfde geld zit er een kerel in.’

Inbreng Wilders tijdens APB – www.pvv.nl

Een Marokkaan vertelde tegen een journalist, ik citeer: ”Over tien jaar zijn wij hier de baas. En dan gooien we die kankerkoningin er ook meteen uit.” Einde citaat. Dit soort walgelijke teksten mogen we nooit accepteren.

Het is nogal makkelijk om een buurt in te gaan enkele quotes te verzamelen en vervolgens een artikeltje te schrijven over hoe erg het allemaal is. Nauwelijks duiding, achtergrondinformatie van de personen, de wijk waarin ze leven, en nergens het grote plaatje. Het is gewoon allemaal heel erg. En ga dat maar eens nuanceren.

Veel zinniger is het om iemand die betrokken is bij een buurt en toch nog enige distantie (of moeten we zeggen verwondering of verbijstering) kan opbrengen, de straat op te laten gaan en zijn eigen persoonlijke verhaal te laten ontdekken en vertellen.

Bert Brussen » Blog Archive » Zuilens dagboek: schokkende ooggetuigenverslagen

een verslag van mijn bezoek aan Zuilen, Utrecht met een reportageteam van Ncrv’s Netwerk. Voor de veiligheid van de betrokkenen heb ik sommige details aangepast of geheel weggelaten. Ook de citaten zijn geen letterlijke weergave maar benaderen de werkelijkheid zo dicht mogelijk. Verder is het een subjectieve reportage, een persoonlijk verslag vanuit mijn oogpunt geschreven. Vandaar dat het in de categorie “Column” staat: het is een mening, geen absolute waarheid.

Dat gezegd hebbende, is het een zeer aardig en bovenal herkenbaar persoonlijk portret van de Utrechtse wijk Zuilen. Ik ken de wijk niet zo goed (kom er af en toe en heb het genoegen om dan met buslijn 3 te mogen reizen), maar er zitten nogal wat elementen in die ik herken uit andere wijken (in Gouda waar ik onderzoek gedaan heb in Oosterwei en Korte Akkeren, Amsterdam waar ik gewoond heb in Bos en Lommer, Rotterdam waar ik ook onderzoek gedaan heb in Noord en Delfshaven en Den Bosch waar ik gewoond heb):

  1. De agressiviteit van de Marokkaans-Nederlandse jongens jegens de media. De aversie tegen de media is nogal groot en men heeft de neiging alles en iedereen van de media op één hoop te gooien. Vaak zijn er ook genoeg voorbeelden om die aversie te staven, maar de negatieve beeldvorming over media is erg eenzijdig. Maar misschien is een genuanceerde media-consumptie net iets teveel gevraagd van pubers? En dan nog, die woede is er en die is echt waarbij de media soms staat voor alles wat ‘Nederlands’ is.
  2. De angst die er onder autochtone Nederlanders is voor de Marokkaans-Nederlandse jongens. Dit herken ik vooral uit Gouda, uit de tijd dat we een onderzoek deden onder autochtonen en allochtonen waarbij we de mensen bij elkaar zetten in focusgroepen (het ethnobarometer-onderzoek). Het doet er niet toe dat in sommige gevallen die angst overtrokken of zelfs onterecht is; de angst is reëel. En ook deze mensen hebben allerlei voorbeelden om die angst te kunnen staven (zoals het wegpesten van buurtbewoners).
  3. De aversie tegen de ‘regenten’; waarschijnlijk zowel onder de autochtone inwoners als onder de Marokkaanse Nederlanders. Autoriteiten die niet genoeg zouden doen of (bijvoorbeeld in Gouda) de zeer noodzakelijke (en goed werkende) politiepost sluiten net wanneer het weer wat beter gaat waardoor de buurt weer terugvalt in het oude patroon. In sommige gevallen lijken ook ‘de’ media onder regenten te vallen of als zodanig gezien te worden.
  4. Het idee dat het om een beperkt groepje jongens gaat die voor de problemen zorgt. Dat is meestal ook zo. Sterker nog, buurtwerkers en agenten kennen deze jongeren, kennen de gezinnen en vrezen vaak ook dat de jongere broertjes van deze jongens het voorbeeld van de oudere broers gaan volgen (en vaak is dat ook zo). De rest bestaat, als zo vaak, uit meelopers.
  5. (Uit de reactiepanelen vooral…) De indruk dat ouders ter verantwoording moeten worden geroepen. Dat is natuurlijk terecht; in het geval van pubers zijn ouders verantwoordelijk. Wel wordt vrees ik de capaciteit en invloed van ouders op pubers (in het algemeen en bij Marokkaans-Nederlandse jongens in het bijzonder) overschat; de invloed van de peergroup is (soms helaas) groter. Dit betekent ook dat de invloed van de Marokkaanse Nederlandse organisaties op deze jongeren beperkt is aangezien dit vaak organisaties zijn van eerste generatie Marokkaanse Nederlanders. Een project als buurtvaders helpt vaak wel om de scherpe kantjes van de overlast af te halen en de overlast te laten dalen, maar lost niet alle problemen op en kan dat ook helemaal niet.
  6. Een geluid dat ik zo her en der heb opgevangen ‘ik kan niet geloven dat dit in Nederland gebeurt’. Tsja, het gebeurt. Of het nu asielzoekers/vluchtelingen zijn die worden weggejaagd zoals recent nog in Ravenstein en eerder in Den Bosch, of homoseksuelen of transseksuelen die worden weggejaagd; het komt overal voor. En het is nog van alle tijden ook vrees ik. Niet dat het nou schering en inslag is, want dat is ook weer overdreven, maar het idyllische plaatje van een tolerante samenleving klopt toch ook niet helemaal.

Al met al een mooi persoonlijk stuk van Bert Brussen. Weliswaar met net zo weinig duiding als in de bovengenoemde citaten, maar door de schrijfstijl en de treffende Netwerk-reportage (waarin ook de verloedering van de wijk zelf en de segregatie redelijk tot uiting komen) veel inzichtelijker dan veel andere stukjes over ‘hoe erg het toch allemaal is’. Een deel van de groep jongens die in de Netwerk reportage in beeld kwam, kan zo vergeleken worden met een deel van de groep uit mijn Goudse ‘zuivere’ islam-onderzoek. Een groot verschil met de huidige onderzoeksgroep die bestaat uit salafistische moslims die zich veel meer een (zeer conservatieve) burgerlijke middenklasse houding eigen hebben gemaakt. Kijkend naar de Netwerk-reportage waande ik me dan ook bijna weer in Gouda tussen die jongens.

In antropologische zin kun je stellen dat deze jongeren respect claimen in de zin van een eerbiediging van de eigen ruimte (persoonlijk en fysiek) zoals zoveel Nederlandse jongeren dat tegenwoordig doen. Deze groep echter combineert het puberale gedrag met een anti-middenklasse houding, slachtoffergedrag, een nogal banale protesthouding tegen wat zij zien als een racistische, discriminerende samenleving en (zodra de camera’s aanwezig zijn) mediagenieke provocaties. En dat dat gruwelijk irritant kan zijn (of erger) mag duidelijk zijn. Vandaar ook één van de meest gestelde vragen over mijn onderzoek: ‘Maar is dat nou ook leuk met die jongens omgaan zo’n 5 jaar lang dag in, dag uit?’ Nou ja, als je dagelijks zo’n twintig jongens en dertig meisjes over de vloer hebt, is er iedere dag wel iets en altijd wel iemand die weer wat puberaals uitgevreten heeft en soms erger. Maar ja, het kan ook erg leuk zijn tussen die rotjochies en sterker nog verlang er soms nog wel eens naar terug.

8 thoughts on “Bert Brussen Zuilens dagboek

  1. Dat is raar. Gezien de commotie elders op het net had ik verwacht ook hier, is het niet van de ene, dan wel van de andere kant iets aan commentaar te lezen.

  2. Van mij of hier in de comments? Mijn commentaar is hier waarschijnlijk niet uitgesproken genoeg om iets uit te lokken?

  3. Waarschijnlijk is de hype al weer voorbij, het voorval elders al genoeg besproken en mijn commentaar hier niet uitgesproken genoeg?

  4. Inderdaad, je vraagt je bijna af of het iemand daadwerkelijk interesseert of dat men het gebruikt om weer eens ‘lekker los te gaan’.

  5. Dat zie ik (te) vaak bij dergelijke zaken (Gouda, Lelystad).
    Het ergste is dat als er niet “lekker los gegaan” zou worden, men helemaal niets van misstanden in wijken af zou weten.
    Ik denk echter dat er na de hype ook niets ter oplossing gebeurt, en dat overheden zich alleen bezig houden met het optisch schoonmaken.
    Ik verbaas mij dan ook niet over het feit dat veel mensen naar Wilders neigen, bij de meesten die ik spreek geldt het namelijk alleen voor allochtonen “buiten” hun belevingsveld. Niet de directe collega of buurman/vrouw/kind.
    En dat geeft te denken.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*
*
Website