coverdawaactivism

“Een eiland in een zee van ongeloof”: het activistische verzet van moslims in Nederland, België en Duitsland

Auteurs:
Martijn de Koning
Ineke Roex
Carmen Becker
Pim Aarns

Onderzoekers van de Radboud Universiteit Nijmegen en de Universiteit van Amsterdam hebben in 2012 en 2013 onderzoek gedaan naar de aard van het islamitische activisme in België, Nederland en Duitsland. Het gaat hier om de activisten van Sharia4Belgium, Sharia4Holland, Team Free Saddik / Behind Bars, Straat Dawah, Tauhid Germany (voorheen Millatu Ibrahim), Die Wahre Religion en het Pierre Vogel-netwerk. In het rapport Eilanden in een zee van ongeloof – Het verzet van de activistische daʿwa in België, Nederland en Duitsland, laten de onderzoekers zien hoe netwerken zich verzetten tegen wat zij zien als de onderdrukking, onderwerping en vernedering door de ongelovigen. In plaats daarvan kiezen ze voor een alternatief waarin hun ideaalvisie op de islam en de samenleving centraal staat. De onderzoekers analyseren zo hoe de daʿwa-activisten de regulering en beeldvorming van moslims bij overheid en media ontregelen.

Een nieuwe generatie activisten?
De onderzoekers benadrukken dat ze tijdens hun veldwerk niet mogelijke processen van radicalisering hebben onderzocht of motieven van mensen om naar Syrië te vertrekken, maar de ontwikkeling van activisme en hoe die ontwikkeling is ingebed in de samenleving. Hoewel de activisten zijn weggezet als radicalen en ‘gekkies’, snijden ze ook thema’s aan die breder leven in de samenleving zoals de ontevredenheid over de politiek en onvrede over Westerse militaire interventies. Daarbij speelt mee dat moslims geen kleine minderheid meer zijn en dat jonge moslims hun eigen stem laten horen, daar waar zij oudere generaties juist een zwijgende en onderdanige houding verwijten. Zo stelt een Duitse activist naar aanleiding van rellen in de stad Bonn in 2012 toen de lokale rechts-populistische partij Pro NRW de befaamde spotprenten van de profeet Mohammed tijdens een demonstratie toonde:

‘Ik dacht, wij zijn met zoveel moslims. En de meerderheid zegt dat wij rustig moeten blijven. […] Maar als wij met zovelen zijn en dat negeren, dan vind ik dat zelf eerlijk gezegd een beetje triest. Wij leren […] dat wij meer van hem [de profeet] dienen te houden dan van onze vaders en van onszelf en van onze zoons. […] Als iemand je moeder beledigt, dan ga je ook meteen op hem los en sla je hem, of je beledigt terug. En dan ben ik wel blij dat er een kleine groep bestaat die dan opstaat en zegt: “Jullie beledigen onze profeet niet.”’

De houding van de activisten kan goed samengevat worden door te stellen dat ze met de vuist op tafel slaan om te zeggen ‘Wij pikken niet alles meer’, ‘We laten niet over ons heenlopen’ en ‘Laat ons met rust’. Maar dat doen ze vervolgens op zo een manier dat ze daardoor juist meer kritiek krijgen en meer aandacht; iets dat ze voor een deel ook willen om hun boodschap te verspreiden maar dat ook leidt tot de val van deze netwerken. Tegelijkertijd blijven hun acties met daarmee gepaard gaande retoriek en symboliek het overheidsbeleid ontregelen.

Daʿwa-activisme
Het rapport richt zich op netwerken in België, Nederland en Duitsland die zich bezighouden met daʿwa-activisme. Het gaat hierbij om netwerken van vrienden, familieleden, kennissen en gelijkgestemden die hun islamitische missie (daʿwa) op confronterende wijze uitdragen in de publieke ruimte. De netwerken van Sharia4Belgium, Sharia4Holland, Team Free Saddik / Behind Bars, Straat Dawah, Tauhid Germany / Millatu Ibrahim, Die Wahre Religion en het Pierre Vogel-netwerk ontregelen op deze manier de wijze waarop de overheden in België, Nederland en Duitsland moslims onderdeel maken van het integratie- en antiradicaliseringsbeleid. In hun studie van de zogeheten daʿwa-netwerken, hanteren de onderzoekers niet het gebruikelijke radicaliseringsperspectief waarbij de focus vooral ligt op het politieke gedachtegoed en eventueel geweld. Zij hebben gekozen voor een analyse van het activisme dat tot stand komt in een voortdurende wisselwerking tussen de netwerken, de media en de overheid. Het gaat de activisten daarbij niet alleen om het verzet tegen de heersende orde (democratie, et cetera), maar ook om het creëren van eigen ruimtes waar zij gevrijwaard zijn van inbreuk op hun privésfeer door een vijandelijke omgeving. Of zoals één van de activisten in het onderzoek het formuleerde: “een eiland in een zee van ongeloof”.

De onderzoekers hebben niet alleen gekeken naar de bekende video’s van de activisten, maar hebben geprobeerd om zoveel mogelijk op te trekken met activisten, bijvoorbeeld tijdens demonstraties en vrijetijdsactiviteiten zoals voetbal. Alleen dan wordt duidelijk in welk dynamisch veld de activisten zich bevinden en hoe uit die wisselwerking sterke identiteiten kunnen ontstaan. Deze aanpak stuit ook op grenzen, zo maken de onderzoekers duidelijk.

België
Sharia4Belgium was vanaf de oprichting primair gericht op het genereren van media-aandacht door bewust te provoceren. Met deze provocaties wilde Sharia4Belgium de democratie en ‘westerse’ normen en waarden ontmaskeren als hypocriet en vijandig aan islam. Daartegenover zetten de activisten de islam als ideale alternatieve levenswijze. Tijdens de verstoringen, provocaties en beledigingen in hun publieke daʿwa-acties demonstreerden de activisten hun opvatting dat ze ‘hard zijn voor de ongelovigen’. Hun acties creëerden een situatie waarbij een reactie van het publiek kon worden verwacht omdat hun acties als provocerend en grensoverschrijdend werden gezien door overheid en media. In deze reacties zag Sharia4Belgium zijn opvattingen bevestigd dat er met een dubbele maat werd gemeten en dat democratie hypocriet was. Niet alleen de reacties uit de media en de politiek sterkten de activisten in hun opvattingen. Ook het optreden van politie en justitie werd door de activisten als bewijs gezien dat ze als moslims op de goede weg zaten.

Nederland
In Nederland is de activistische daʿwa grotendeels in de luwte opgekomen tegen de achtergrond van islamofobe trends in beleid en debat, scheuring binnen moskeenetwerken, een nadruk op culturele integratie en het bestrijden van radicalisme onder moslims. De acties van Team Free Saddik / Behind Bars ontstonden nadat enkele jonge moslims uit Den Haag werden gearresteerd tijdens pogingen om naar Somalië en Azerbeidzjan te reizen en nadat twee moslims uit Den Haag in Pakistan werden opgepakt en gemarteld.

De solidariteitsdemonstraties genereerden nooit veel publiciteit; pas toen in Nederland Sharia4Holland opkwam ontstond er meer belangstelling. Het verzet van zowel Behind Bars als Sharia4Holland was gericht op het scheppen van spektakel, maar Sharia4Holland zocht veel meer de confrontatie. Het voorbeeld van Sharia4Belgium inspireerde wel de oprichting van Straat Dawah, maar ook dat netwerk zocht veel minder de confrontatie. In alle netwerken stond centraal dat men de democratie verwerpt omdat deze tegen islam is en omdat democratie leidt tot onrechtvaardigheid voor moslims en onderdeel zou zijn van de westerse strijd tegen islam. Die strijd, zowel door middel van het woord als met geweld, zou een ontoelaatbare inbreuk zijn op de privésfeer van mensen. De activisten verwierpen de bestaande regulering van moslims zoals die in beleid en media plaatsvindt en opteerden voor een plek waar ze onder elkaar konden zijn en hun islam konden praktiseren zoals ze zelf wilden.

Duitsland
In Nederland is er duidelijk sprake van verschillen tussen het verzet van van Behind Bars en Straat Dawah enerzijds en Sharia4Holland anderzijds. Ook in Duitsland kunnen we verschillende vormen van verzet zien die vooral afhangen van verschillen in praktijken omtrent het omgaan met niet-moslims en met ongeloof. De onderlinge verdeeldheid vloeit onder meer daar uit voort, maar er is ook solidariteit in tijden van externe druk en repressie. Net als in de andere netwerken spelen social media ook in Duitse netwerken een grote rol en staan aan de basis van een nieuwe vorm van activisme: connective action. Deze zijn zeer laagdrempelig en zorgen ervoor dat activisten gemakkelijk hun eigen invulling aan slogans en symbolen kunnen geven.

Het rapport is vanaf dinsdag 15 uur verkrijgbaar via de website van IMES: HIER

M. de Koning, I. Roex, C. Becker en P. Aarns, 2014, Eilanden in een zee van ongeloof – Het verzet van de activistische daʿwa in België, Nederland en Duitsland. Nijmegen / Amsterdam: Radboud Universiteit Nijmegen / Universiteit van Amsterdam, IMES Report Series.