From Salvation to Selfation? Subjectivisation among Dutch Christian youngsters

Posted on September 9th, 2009 by martijn.
Categories: (Upcoming) Events, Religion Other, Youth culture (as a practice).

Tomorrow my colleague Johan Roeland will defend his PhD thesis: Selfation – Dutch Evangelical Youth Between Subjectivization and Subjection

Published by AUP.

You can download the thesis at VU DARE. Unfortunately I cannot be there because of teaching obligations but I would like to recommend his book to you.  Besides the fact that many of his findings corresponds with that of mine (and other’s) research among Muslim (salafi) youth, it is one of the best accounts of religious life among Dutch orthodox-christian youth.

In the social-scientific study of religion, two theories on the history, development and fate of religion in West-Europe and the United States have been dominant. On the one hand, the secularisation-thesis supporting the conviction that religion in this part of the world is on the decline, both in social and individual respect. On the other hand, the sacralisation-thesis stressing the idea of a lasting and even growing significance of religion, visible in the resurgence of Christianity in charismatic and evangelical forms, the increasing awareness of religious fundamentalism, and the rise of new-religious movements and implicit religious sentiments connected to phenomena such as sport, well-being, health, spirituality, art and internet.

Recently, some scholars in the field (among them Anton van Harskamp, Paul Heelas and Linda Woodhead), dissatisfied with the two main theoretical frameworks, developed a third theory, referred to as the subjectivisation-thesis. In the first place they recognise that the West currently witnesses both secularisation and sacralisation, and secondly, that both developments are an expression of – what scholars like Charles Taylor, Ronald Inglehard and Robert Bellah have indicated as – the subjective turn in modern culture.

In this present qualitative research, which is based on fieldwork in Houten, a suburban area in the Netherlands, I will investigate whether the subjectivisation-thesis is a fruitful theory to describe and explain current modes of evangelical and charismatic Christianity among Dutch Christian youngsters. Both the evangelical and charismatic movement have increased in popularity in recent years, especially among young people, and have become a visible, lively and attractive phenomenon in the Dutch religious scene. My main question addresses the extension of these modes of religiosity in terms of subjectivization among young people. I will answer this question by focusing on three aspects of subjectivisation: identity, subjectivity and experience.

Het voorheen vanzelfsprekende denkbeeld van de onvermijdelijke afname van de betekenis van religie in Noordwest Europa staat meer en meer ter discussie. Religie lijkt niet zozeer te verdwijnen, maar ze lijkt subjectief en persoonlijk te worden, gericht op de individuele religieuze beleving. In zijn proefschrift onderzoekt Johan Roeland in hoeverre de dominante opvatting over religieuze veranderingen houdbaar is.

Roeland deed een kwalitatief onderzoek naar een van de meest populaire manifestaties van Protestantisme in Nederland: evangelicalisme onder Nederlandse jongeren. Hij neemt de lezer in zijn proefschrift mee naar de settings en gemeenschappen waarin deze jongeren hun geloof beleven en vorm geven. Tevens bespreekt hij de morele en ideologische repertoires aan de hand waarvan deze jongeren gestalte geven aan hun religiositeit, de wijze waarop hun connectie met het heilige is bemiddeld, en de implicaties hiervan voor de discussies over de aard en toekomst van religie in Noordwest Europa.

0 comments.

Kabinet: geen parallelle samenleving?

Posted on September 9th, 2009 by martijn.
Categories: ISIM/RU Research, Public Islam.

Kabinet: geen parallelle samenleving laten ontstaan

Persbericht | 01-09-2009

Het kabinet wil er geen misverstand over laten bestaan dat bepaalde elementen en interpretaties van de sharia haaks staan op de kernwaarden van onze democratische rechtsstaat. Strafbare gedragingen zullen worden vervolgd en in voorkomende gevallen kunnen rechtspersonen worden ontbonden of verboden verklaard. Het kabinet ziet het dan ook als zijn taak, te zorgen dat er geen parallelle samenlevingen ontstaan waar mensen het recht in eigen hand nemen of een eigen rechtssysteem hanteren dat zich buiten de kaders van onze rechtsorde begeeft. Dit schrijft minister Hirsch Ballin van Justitie in een brief aan de Tweede Kamer, mede namens minister Van der Laan voor Wonen, Wijken en Integratie.

Een vorm van geschillenbeslechting over geloofskwesties of passend gedrag van moslims in bepaalde situaties waaraan betrokkenen zich vrijwillig onderwerpen, hoeft niet in strijd met onze openbare orde te zijn. ‘Tegen dwang, ongeoorloofde druk of machtsmisbruik zal ik krachtig optreden’, aldus minister Hirsch Ballin.

Ook schrijft de bewindsman dat in Nederland geen polygame huwelijken kunnen worden gesloten met een juridisch bindend karakter, noch scheidingen op grond van de sharia worden uitgesproken die enig rechtsgevolg hebben. Naar de mogelijkheden om de strafbaarstelling van polygamie uit te breiden wordt nader onderzoek gedaan. De resultaten van een rechtsvergelijkend onderzoek naar de erkenning van polygame huwelijken worden niet voor eind november 2009 verwacht.

Verder gaat de brief in op de resultaten van een onderzoek naar informele huwelijken in Nederland. De indruk is, dat informele huwelijken op kleine schaal voorkomen en dat het aantal afneemt. Er is echter een toename te zien in informele huwelijken in islamitische kringen; waarbij tevens wordt geconstateerd dat het informeel trouwen met een imam in een moskee juist afneemt.

Behalve onwetendheid, die een enkele keer voorkomt, lijkt het belangrijkste motief voor het informele huwelijk in islamitische kringen het legitimeren van een relatie (en de daarmee gepaard gaande seksuele omgang) voor God en de sociale omgeving. Het vormt in islamitische kringen het alternatief voor ongehuwd samenwonen.

De relatiebevestigingen lijken aan te sluiten bij de in Nederland in het algemeen bestaande trend van informalisering van relaties. In de gevallen waar het hier om gaat is het echter twijfelachtig of er handelingen worden verricht die op een huwelijk betrekking hebben en of dat sprake is van een religieuze inzegening van een relatie. Tevens is onvoldoende duidelijk of de uitvoerder van een informeel huwelijk een religieus bedienaar is of niet.

De onderzoekers constateren tenslotte dat er geen goed zicht is op de omvang van het verschijnsel informele huwelijken en dat in het bijzonder over huwelijken in salafistische kringen en over geheime huwelijken in andere religies slechts oppervlakkige kennis beschikbaar is. Zij geven aan dat kennis hierover zeer moeilijk zal zijn te verwerven.

De bevindingen van de onderzoekers geven geen aanleiding tot beleidswijzigingen. Voorlichting over (het ontbreken van) de juridische gevolgen van relatiebevestigingen blijft nodig, met name ter bescherming van vrouwen die hier nog maar kort verblijven. Het kabinet ondersteunt diverse projecten die het verbeteren en versterken van de positie en weerbaarheid van migrantenvrouwen tot doel hebben, zoals rond huwelijksdwang en achterlating. Met deze projecten probeert het kabinet te bewerkstelligen dat met name migrantenvrouwen op de hoogte zijn van hun rechten en plichten in de Nederlandse samenleving.

Het is niet bekend of er door verenigingen of stichtingen shariarechtspraak wordt gefaciliteerd of georganiseerd die verder gaat dan advisering of geschillenbeslechting over geloofsregels. Of er imams bij shariarechtspraak zijn betrokken en hoeveel dit er zijn, moet ook blijken uit het onderzoek naar de mate waarin shariarechtbanken voorkomen in Nederland. De resultaten daarvan worden voor de zomer van 2010 verwacht.
Meer informatie

* Brief Tweede Kamer: Schriftelijk overleg over shariarechtbankenBrief / circulaire / beleidsregels | 01-09-2009 | pdf-document, 60 KB
* Studie: Informele huwelijken in NederlandRapport | 01-09-2009 | pdf-document, 3.20 MB

1 comment.

Eigenheid of Eigenzinnigheid in Ede

Posted on September 9th, 2009 by martijn.
Categories: Religion Other, Religious and Political Radicalization, Young Muslims.

Eigenheid of eigenzinnigheid. Analyse van cultuur- en geloofsgerelateerde denkbeelden en gedragsuitingen in de gemeente Ede.
Door: mr. drs. Lenke Balogh, dr. mr. Mirjam Siesling, dr. Menno Jacobs, drs. Hans Moors
1 september 2009, 171 pagina’s, isbn-nummer: 978-90-78886-36-5

Ede wil dialoog met islam- en plattelandsgemeenschap intensiveren
Cultuur- en geloofsgerelateerde denkbeelden en gedragsuitingen vormen geen grote maatschappelijke risico’s in de gemeente Ede. Dat blijkt uit een vandaag gepresenteerd onderzoek. Het gaat om het rapport ‘Eigenheid of eigenzinnigheid. Analyse van cultuur- en geloofsgerelateerde denkbeelden en gedragsuitingen in de gemeente Ede’.

Het rapport beantwoordt de vraag in welke mate radicalisering in Ede een maatschappelijk risico vormt. Het onderzoek bestond uit twee delen, namelijk (1) radicalisering onder Marokkaanse jongeren, bezoekers van de moskee en jongeren met extremistische opvattingen en (2) welke opvattingen, attituden, en mechanismen kenmerken gesloten gemeenschappen en waarom en op welke wijze zetten groepen mensen zich tegen elkaar af. Het rapport geeft aanbevelingen om verdere afzijdigheid van de samenleving van de gemeenschappen te voorkomen dan wel deze meer aan de (Edese) samenleving te binden.

In algemene zin brengt het onderzoek in uiteenlopende contexten verschillende vormen van wij/zij denken voor het voetlicht. De onderzoekers denken dat dit niet makkelijk te bestrijden is. Het besef van vrijheid van meningsuiting, maar ook dat van vrijheid van godsdienst, telt zwaar. Daarom vindt het college het van belang dit te accepteren en de verdeeldheid te erkennen. Het hoort thuis in de arena van de democratie, waar die een plek biedt voor meningsuitwisseling, debat, belangenafweging en besluitvorming.

Graag onderschrijft het college de mening van de onderzoekers dat eventuele spanningen tussen bevolkingsgroepen niet te maken hebben met religie of cultuur als zodanig.

Dialoog bevorderen

Op basis van de onderzoeksresultaten heeft het Edese college van burgemeester en wethouders wel zorgen over onvoldoende geïntegreerde bevolkingsgroepen. Doordat gemeenschappen langs elkaar heen leven leidt dit niet tot problemen. Het college wil daarom wel de dialoog met vooral de islamgemeenschap en de plattelandsgemeenschap intensiveren.

De huidige activiteiten voor integratie en participatie worden langs de meetlat gelegd. Maatregelen of activiteiten zullen gericht zijn op opleiding, scholing, werkgelegenheid, tegengaan van discriminatie, opvoedingsondersteuning en openbreken van isolement bij gezinnen. Dat gebeurt omdat de onderzoekers aanbevelen de problemen te benaderen vanuit sociaaleconomisch en sociaal-cultureel perspectief.

Als het gaat om de Marokkaans-Nederlandse jeugd in de wijk Veldhuizen en evenementen in de buitendorpen wil het college van B en W bestaand beleid handhaven. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken is bezig beleid te ontwikkelen rond ‘de kernwaarden van de democratische rechtsstaat’. De gemeente Ede wordt betrokken bij deze beleidsontwikkelingen en zal de vruchten hiervan zonodig gaan invoeren.

Goede communicatie

Daarnaast is er nu regelmatig overleg tussen college en vertegenwoordigers van de buitendorpen en Veldhuizen. Binnen de gemeentelijke organisatie zijn er vaste aanspreekpunten, zoals wijkbeheerder en de milieu- en bouwinspecteurs. Ook is er regelmatig overleg tussen de betreffende portefeuillehouders en sleutelfiguren binnen de verschillende gemeenschappen. Dit beleid blijft gehandhaafd.

Het college vindt dat in de communicatie, tussen gemeente en burgers, over beleid duidelijkheid voorop moet staan, zodat elke inwoner en gemeenschap zich gehoord en gezien voelt. Concreet betekent dit dat over en weer duidelijk dient te zijn wat is afgesproken, hoe de gemeente vorm geeft aan beleid en op welke wijze projecten worden afgerond. In het eerste kwartaal van 2010 zal B en W hierover voorstellen doen.

Enkele conclusies

  • Binnen de moslims van Marokkaanse afkomst zijn er gradaties van liberaal tot orthodox. Een kleine groep jongeren is te betitelen als salafistisch. De onderzoekers concluderen dat factoren als geen erkenning, stigmatisering en relatieve (kans) armoede, het risico op maatschappelijke afzijdigheid versterkt en een voedingsbodem legt voor polarisering en voedingsbodem legt voor gevoeligheid voor radicalisering.
  • De problemen in de wijk Veldhuizen A zijn dieper geworteld dan vormen van vandalisme en criminaliteit. Hoewel verdergaand onderzoek nodig is om dit goed in beeld te krijgen, concluderen de onderzoekers dat er geen verband is tussen vandalisme/criminaliteit en religieuze radicalisering.
  • Kenmerkend voor het buitengebied is dat veel mensen de stad Ede als ver weg ervaren. Analytisch is het moeilijk te duiden of de geslotenheid in het buitengebied voortvloeit uit een plattelands- of uit een structurerende kerkelijke cultuur. Daarbij komt dat er ook in het buitengebied verschillen zijn: niet alle inwoners zijn kerkelijk en er is een verschil tussen de bewoners van dorpskernen en bewoners van het buitengebied. De zorg van de gemeente voor het ontstaan van een machtsvacuüm lijkt niet ongegrond, blijkens bijvoorbeeld de vasthoudendheid om drankketen in stand te houden
  • Als het gaat om de identificatie met het geloof en ‘leven in eigen kring,’ zijn er mechanismen aan te wijzen binnen de reformatorische gezindte en de Marokkaanse moslimcultuur, die overeenkomen. Het gaat dan om een gelijksoortige manier van denken en van leven naar je geloof. Het geloof en/of de cultuur geven houvast en leveren enerzijds een systeem van sociale controle en anderzijds (angst voor) sociale uitsluiting.
  • In het onderzoek blijkt uit de gesprekken met jongeren dat de omvang en aard van interetnische of interculturele confrontaties beperkt blijft tot een negatieve spanning tussen Lonsdalers en Marokkaanse jongeren als ze elkaar treffen op school, na schooltijd en op het Museumplein. Een verscherping van de polarisatie tussen beide groepen is lopende het onderzoek niet vastgesteld.
  • Hoewel Ede markant is als het gaat om de culturele en religieuze bindingen, de stedelijke kern met een groot buitengebied en de stedelijke problematiek, is Ede zeker niet uniek. In andere gemeenten met vergelijkbare verstedelijking en plattelandsgebieden doen zich vergelijkbare spanningen voor tussen en binnen de bevolkingsgroepen.

IVA Beleidsonderzoek

‘IVA Beleidsonderzoek en Advies’ in Tilburg heeft het onderzoek uitgevoerd. De onderzoekers werden bijgestaan door een begeleidingscommissie, bestaande uit vertegenwoordigers van onder meer gemeente, politie, ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en werd voorgezeten door een onafhankelijke wetenschapper. Een klankbordgroep, die onder anderen bestond uit vertegenwoordigers van de Marokkaanse gemeenschap en de buitendorpen, was ook betrokken bij het onderzoek. Het onderzoek is mede tot stand gekomen door een financiële bijdrage van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Het rapport is HIER te downloaden.

0 comments.